Eerst geloven. Dan zien.
Over studiekeuze, twijfel en vertrouwen.
Onlangs hoorde ik een mooie uitspraak van Freek Rikkerink van Suzan & Freek:
“Eerst geloven, dan zien.”
Die zin bleef bij mij hangen. Want hoe vaker ik erover nadenk, hoe meer ik voel dat dit precies raakt wat er gebeurt bij studiekeuze.
“Ik zie dat mijn kind niets doet aan haar studiekeuze”
In gesprekken met ouders hoor ik regelmatig:
“Ik zie niks gebeuren.”
“Mijn kind onderneemt geen actie.”
“Hij weet nog steeds niet wat hij wil.”
Ze willen eerst zien en dan geloven zoals het bekende Nederlandse spreekwoord. Dat is begrijpelijk. Zeker als deadlines dichterbij komen en de toekomst spannend voelt. Maar in mijn gesprekken met jongeren hoor ik iets anders.
“Ik weet het gewoon niet.”
“Straks maak ik de verkeerde keuze.”
“Misschien kan ik het niet.”
Achter die woorden zit zelden onverschilligheid maar vooral twijfel, onzekerheid en druk.
Wat ik wél zie bij Kleurenhuys
Bij Kleurenhuys zie ik jongeren die in hun hoofd juist enorm bezig zijn met hun studiekeuze.
Ze vergelijken opleidingen, kijken filmpjes, maken testen, zijn bang om te kiezen en ze willen het zo graag goed doen. Maar die twijfel kan verlammend werken. En de angst om de verkeerde keuze te maken zorgt ervoor dat ze stil lijken te staan.
Laatst zat er een jongen tegenover mij die begon met: “Ik weet echt helemaal niks.”
Drie kwartier later zei hij: “Eigenlijk vind ik het wel belangrijk dat ik later iets doe waarbij ik mensen help. En ik wil niet de hele dag stilzitten.” Hij wist dus meer dan hij dacht, alleen zijn onzekerheid overstemde zijn vertrouwen.
Ik geloof in: Eerst geloven. Dan zien.
Bij studiekeuze werkt het niet volgens het bekende spreekwoord maar juist andersom: Eerst geloven. Dan zien. Ik ben ervan overtuigd dat dit de sleutel is. Een jongere groeit niet van controle en van druk. Niet van steeds opnieuw horen dat er “nu echt iets moet gebeuren”.
Een jongere groeit van vertrouwen. Het geloof dat zoeken onderdeel is van ontwikkeling, dat twijfel geen stilstand is, maar een fase in het studiekeuzeproces. Wanneer een jongere voelt:
Mijn ouders vertrouwen mij. Ze geloven dat ik dit kan. Dan verandert er iets. En vanuit dat geloof durven ze wél stappen te zetten, een richting uit te spreken of zelfs een keuze te maken.
Wat kun je als ouder doen als je kind een studiekeuze gaat maken?
1. Spreek vertrouwen uit.
Zeg letterlijk: “Ik heb er vertrouwen in dat jij hieruit komt.” Ook als je het spannend vindt.
2. Geef ruimte in plaats van druk.
Herinner je kind eraan dat een studiekeuze belangrijk is, maar niet allesbepalend. Ruimte geeft rust. Rust geeft helderheid.
3. Benoem de inzet die je wél ziet.
“Ik merk dat je er veel over nadenkt.” Of “Ik zie dat je dit serieus neemt.”
Dat haalt de verlamming van twijfel weg.
Dus onthoud: Eerst geloven. Dan zien.
Wanneer een jongere vertrouwen voelt, komt hij in beweging en dan ontstaat richting.
Vanuit die richting volgt een studiekeuze. Niet vanzelf. Maar die komt er zeker wel.
